De jongerenwebsite van de taalunie

taaladvies
   

Is het met d of t?

En hoe kom je daarachter?

De d/t-regels op een rijtje.
De d/t-regels op een rijtje.

Is het werkwoord met een d of met een t?

Dat hangt ervan af in welke tijd je zin staat. Is het de tegenwoordige of de verleden tijd? En is het de voltooide of onvoltooide tijd?

Wil je weten wat de voltooide tijd is? Kijk dan hier.

En de onvoltooide tijd? Daarover kun je hier meer lezen.

De onvoltooid tegenwoordige tijd
Ik

In de tegenwoordige tijd komt er bij ik nooit een t achter het hele werkwoord zonder -en.

Ik word.

• Ik land.

• Ik red.

Je of jij

Bij je of jij komt er een t achter als je of jij vóór het werkwoord staat.

• Je wordt beter in taal.

• Jij landt niet ’s nachts, toch?

• Je redt het wel.

Als je of jij áchter het werkwoord staat, is het zonder t.

• Word je beter in taal?

• Land je 's middags?

• Red jij dat?

Hij

Bij hij, zij, u, men, het of een zelfstandig naamwoord of naam komt er altijd een t achter het werkwoord zonder -en.

• Zij wordt beter in taal.

• Hij landt ook 's middags.

• Redt Marieke het wel?

• Het eten wordt gebracht.

Vinden gaat als lopen

Een handig ezelsbruggetje dat je kunt gebruiken: woorden die eindigen op een d, zoals worden en vinden, kun je vervangen door lopen en dan hoor je of er een t achter moet.

• Ik loop.

• Ik vind.

• Jij loopt.

• Jij vindt.

• Loop jij?

• Vind jij?

• Hij loopt.

• Hij vindt.

• Loopt hij?

• Vindt hij?

De onvoltooid verleden tijd en de voltooid tegenwoordige, de voltooid verleden en de voltooid toekomende tijd
’t Kofschip

Als je niet weet of er in de verleden tijd een d of een t achter komt, kun je het ezelsbruggetje van ’t kofschip gebruiken. In drie stappen:

1. Haal -en van het hele werkwoord.

2. Kijk of de klank van de laatste letter overeenkomt met een van de medeklinkers tkfschp.

3. Klinkt de laatste letter als een van die medeklinkers, dan zijn de onvoltooid verleden tijd én de voltooide tijden met een t. Klinkt de laatste letter niet als een van die medeklinkers, dan zijn de onvoltooid verleden tijd én de voltooide tijden met een d.

Krabben zonder -en is krabb

De laatste letter, de b, komt niet overeen met een van de medeklinkers in tkfschp. Dus is het:

• Ik krabde.

• Ik heb gekrabd.

• Ik had gekrabd.

Meer over ’t kofschip kun je hier lezen.

Luisteren

Ook kun je luisteren naar de onvoltooid verleden tijd om erachter te komen of er in de voltooide tijd een d of een t achter komt.

voelen

• Ik voelde.

Dat is met een d, dus dan is de voltooide tijd ook met een d.

• Ik heb gevoeld.

• Ik had gevoeld.

• Ik zou hebben gevoeld.

kuchen

• Hij kuchte.

Een t, dus dan is de voltooide tijd ook met een t.

Hij heeft gekucht.

Hij had gekucht.

 

Meer informatie

Op Taalhelden:

Hoe gebruik je ’t kofschip?

Wat is een onvoltooide tijd?

Wat is een voltooide tijd?

Is het gebeurd of gebeurt?

Is het word of wordt?

Is het word u of wordt u?

Op andere websites:

Alles over werkwoorden.

Is het hij beloofd of hij belooft

Is het hij suiste of hij suisde

Is het hij is verhuist of hij is verhuisd

Is het word vervolgd of wordt vervolgd

Reacties

Krabben zonder -en is geen krab!
Krabben zonder -en is krabb.
Dit om te voorkomen dat mensen ook bij andere woorden teveel letters weghalen.

 

Je hebt gelijk. We hebben het aangepast.

 

Groeten, Maartje van Taalhelden

waarom schrijf je presenteert met een t en niet met een d

 

Hoi dytfujgh,

De tegenwoordige tijd van presenteren is: ik presenteer, jij presenteert, hij presenteert.

Bij tweede en derde persoon enkelvoud is het dus stam+ t, zoals bij zij loopt, jij lacht, de hond blaft: de presentator presenteert.

Meer over het vervoegen van werkwoorden in de onvoltooid tegenwoordige tijd kun je hier lezen: https://taalhelden.org/bericht/het-met-d-t-0

Groetjes,

Maartje - van Taalhelden

Ik kreeg de vraag waarom in de volgende zin: 'Je beroepsproduct dient aan bepaalde eisen te voldoen', het 'dient' met een t is, in plaats van 'dien' zonder t. Ik wist eigenlijk geen ander antwoord dan 'het is nu eenmaal zo'. Hebben jullie een beter antwoord?

 

Hoi Robert,

Het antwoord is: omdat 'je beroepsproduct' (het onderwerp) derde persoon enkelvoud is (net als bijvoorbeeld hij en zij). Bij dienen komt er dan dus een t achter het werkwoord.

Veel groetjes,

Maartje - van Taalhelden

Gerelateerde berichten