De jongerenwebsite van de taalunie

taaladvies

   

Wat is de voltooide tijd?

En wat is een hulpwerkwoord?

Hoe herken je de voltooide tijd?

Wat is de voltooide tijd?

Als een werkwoord in de voltooide tijd staat, wil dat zeggen dat de activiteit die het werkwoord uitdrukt vaak al afgelopen is.

• Ik heb een goed boek gelezen.

• Ze heeft de hele nacht gewerkt.

Hulpwerkwoord en voltooid deelwoord

Het voltooid deelwoord is de vorm van een werkwoord die je in een zin meestal vindt in een voltooid tegenwoordige tijd of een voltooid verleden tijd. Er staat dan een vorm van hebben of zijn bij: ik heb gelopen, ik ben gevallen. Het voltooid deelwoord kan soms ook gebruikt woorden als bijvoeglijk naamwoord. Een gesloten deur.

In de voltooide tijd staat altijd een voltooid deelwoord: een werkwoordsvorm als gelezen of gewerkt. Doorgaans staat er ook een hulpwerkwoord bij: een vervoegde vorm van hebben of zijn.

• Ik heb een goed boek gelezen.

Het voltooid deelwoord is hier gelezen. Het hulpwerkwoord is heb.

• Marie is op tijd vertrokken.

Het voltooid deelwoord is hier vertrokken. Het hulpwerkwoord is is.

Het hulpwerkwoord hoeft er niet altijd bij te staan:

• Hoe het met me gaat? Doodmoe: de hele dag gewerkt, daarna nog gestudeerd en vervolgens slecht geslapen.

In deze zin kun je de hulpwerkwoorden er probleemloos in 'denken'.

• Hoe het met me gaat? (Ik ben) doodmoe: (ik heb) de hele dag gewerkt, (ik heb) daarna nog gestudeerd en (ik heb) vervolgens slecht geslapen.

Gewerkt, gestudeerd en geslapen zijn de voltooide deelwoorden.

In het Nederlands heb je 8 werkwoordstijden

De onvoltooid tegenwoordige tijd (o.t.t.)

• ik lees

• ik werk

De onvoltooid verleden tijd (o.v.t.):

• ik las

• ik werkte

De voltooid tegenwoordige tijd (v.t.t.):

• ik heb gelezen

• ik heb gewerkt

De voltooid verleden tijd (v.v.t.):

• ik had gelezen

• ik had gewerkt

De onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (o.t.t.t.):

• ik zal lezen

• ik zal werken

De voltooid tegenwoordige toekomende tijd (v.t.t.t.):

• ik zal gelezen hebben

• ik zal gewerkt hebben

De onvoltooid verleden toekomende tijd (o.v.t.t.):

• ik zou lezen

• ik zou werken

De voltooid verleden toekomende tijd (v.v.t.t.):

• ik zou gelezen hebben

• ik zou gewerkt hebben

Ezelsbruggetjes

Als je weet of je met een onvoltooide of een voltooide tijd te maken hebt, kun je ezelsbruggetjes van stal halen.

Verlengen met een e

Een voltooid deelwoord schrijven is moeilijk als je een t hoort aan het eind. Die schrijven we als t of als d: gewerkt of gebeurd. Om te weten hoe het moet, verleng je het woord met een e, dan hoor je wat je moet schrijven.

Vinden gaat als lopen

Zo kun je voor een onvoltooid tegenwoordige tijd het werkwoord vervangen door lopen om erachter te komen of je een t achter het werkwoord moet schrijven.

• Het is ik loop en dus ik vind, zonder t.

• Het is hij loopt en dus hij vindt, met een t.

‘t Kofschip

Als je weet dat je met de onvoltooid verleden tijd, met de voltooid tegenwoordige of verleden tijd of met een van de toekomende tijden te maken hebt, dan kun je de klanken van de medeklinkers uit 't kofschip gebruiken om te weten of er een d of een t aan het eind van een werkwoord moet staan. Kijk hier hoe je 't kofschip moet gebruiken.

 

Wil je meer lezen?

Op Taalhelden:

Is het gebeurd of gebeurt?

Is het geë-maild of ge-e-maild?

Wat is de onvoltooide tijd?

Op andere websites:

Over werkwoorden en hun vervoeging.

Reactie toevoegen

taaladvies

Taalhelden: de game

Rappen zonder taalfouten

taaladvies

Is het gebeurd of gebeurt?

Wat is de laatste letter?

taaladvies

Is het word of wordt?

Is het met een d of met een t?